Functionele vormen van plegen en deelneming - Strafbaarheid van rechtspersonen

12 belangrijke vragen over Functionele vormen van plegen en deelneming - Strafbaarheid van rechtspersonen

Wanneer werd de rechtspersoon als dader wettelijk erkend?

In 1976, met de invoering van art. 51 Sr. Sindsdien kan een rechtspersoon zelfstandig worden vervolgd.

Wat is het centrale criterium voor daderschap van de rechtspersoon?

Redelijke toerekening van de gedraging aan de rechtspersoon. Dit is een normatieve en casuïstische beoordeling.

Welk arrest geeft het beoordelingskader voor dit daderschap?

Het Drijfmest-arrest. Dit arrest werkt art. 51 Sr inhoudelijk uit.
  • Hogere cijfers + sneller leren
  • Niets twee keer studeren
  • 100% zeker alles onthouden
Ontdek Sailabus

Wanneer is een rechtspersoon dader volgens het Drijfmest-arrest?

Een rechtspersoon is dader als de gedraging redelijkerwijs aan haar kan worden toegerekend en in de sfeer van de rechtspersoon heeft plaatsgevonden. Dat kan blijken uit handelen of nalaten door iemand werkzaam voor de rechtspersoon, passen binnen de normale bedrijfsvoering, dienstigheid voor de rechtspersoon, of beschikkingsmacht en aanvaarding, waaronder onvoldoende zorg ter voorkoming.

Waarom formuleert de Hoge Raad geen harde regel?

Omdat rechtspersonen sterk verschillen in omvang, structuur en organisatie. De beoordeling moet flexibel blijven.

Wat leert Drijfmest over bewijsmotivering?

Dat concreet moet worden gemotiveerd waarom toerekening redelijk is. Algemene aannames zijn onvoldoende.

Waarom vernietigde de Hoge Raad in Drijfmest het arrest van het hof?

Omdat onvoldoende was vastgesteld of de gedraging binnen de sfeer van de rechtspersoon viel. Met name ontbrak duidelijkheid over taken en bevoegdheden.

Hoe kan opzet of schuld aan een rechtspersoon worden toegerekend?

Door toerekening van opzet of schuld van natuurlijke personen aan de rechtspersoon. Daarbij zijn organisatie, taakverdeling en positie doorslaggevend.

Wat betekent ‘opzet of schuld van de rechtspersoon zelf’?

Dat deze wordt afgeleid uit beleid, besluitvorming of bedrijfsvoering. Het perspectief van de rechtspersoon staat dan centraal.

Wat wordt bedoeld met ‘bijeengeharkte’ opzet of schuld?

Dat opzet of schuld van meerdere personen en organisatorische factoren samen het totaalbeeld vormen. Het geheel is doorslaggevend.

Waarom is de beoordeling sterk casuïstisch?

Omdat factoren als grootte, structuur en type rechtspersoon sterk verschillen. Eén vaste maatstaf zou onwerkbaar zijn.

Wat is de kern van 4.3 samengevat?

Een rechtspersoon is strafbaar als een gedraging redelijkerwijs aan haar kan worden toegerekend. Het Drijfmest-arrest geeft daarvoor het centrale toetsingskader.

De vragen op deze pagina komen uit de samenvatting van het volgende studiemateriaal:

  • Een unieke studie- en oefentool
  • Nooit meer iets twee keer studeren
  • Haal de cijfers waar je op hoopt
  • 100% zeker alles onthouden
Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.
Trustpilot-logo