Samenvatting: Libre Service Junior Frans Voor De Onderbouw : Textes & Activités | 9789006690446
- Deze + 400k samenvattingen
- Een unieke studie- en oefentool
- Nooit meer iets twee keer studeren
- Haal de cijfers waar je op hoopt
- 100% zeker alles onthouden
Lees hier de samenvatting en de meest belangrijke oefenvragen van Libre service junior Frans voor de onderbouw : textes & activités | 9789006690446
-
1 apprendre 1
Dit is een preview. Er zijn 25 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 1
Laat hier meer flashcards zien -
1.1.1.1.1.1.1.1.1 apprendre 9
Dit is een preview. Er zijn 9 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 1.1.1.1.1.1.1.1.1
Laat hier meer flashcards zien -
Wij hebben dicht bij de zee gekampeerd. Het was geweldig!
On a fait du camping près de la mer. C'atait super! -
2.3 Apprendre 3
Dit is een preview. Er zijn 16 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 2.3
Laat hier meer flashcards zien -
Let op! Pouvoir lijkt op die van vouloir (willen). 1. Wat betekent pouvoir soms ook? 2. Voorbeeld: Manan, nous pouvons jouer au foot?
1. Mogen
2. Mama, mogen we voetballen? -
2.5 apprendre 5
Dit is een preview. Er zijn 2 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 2.5
Laat hier meer flashcards zien -
Het bezittelijk voornaamwoord geeft aan van wie iets is. De vorm hangt af van het zelfstandig naamwoord (mannelijke, vrouwelijk of meervoud) dat erachter komt.Let op! In het frans kun je aan de woorden son, sa en ses niet zien of het zijn of haar is. Kijk altijd naar de rest van de zin.Voilà Adam avec son frère.
Daar is Adam metzijn broer . -
Schrijf voor vrouwelijk enkelvoudMijn broerjouw "zijnhaarons/onzejullie/uwhun
Mijnbroer ma sœur jouw " ta "zijn sa haar sa ons /onze. notrejullie /uw. votrehun leur -
Schrijf mijn vriend in het vrouwelijke enkelvoud met klinker of stomme h
Mijn vriend mon amie
jouw " ton "
zijn " son "
haar " son "
ons/onze" notre "
jullie/uw " votre "
hun " leur " -
Schrijf mijn ouders (=meervoud)
Mijn ouders mes parents
jouw " tes "
zijn " ses "
haar " ses "
ons/onze" nos "
jullie/uw " vos "
hun " leurs " -
4.1 Apprendre 1
Dit is een preview. Er zijn 70 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 4.1
Laat hier meer flashcards zien -
Wat betekent het Franse woord le conseil?
De raad -
Wat is het Franse woord voor De verkoudheid?
Le rhume -
Wat is het Franse woord voor De neus?
Le nez -
Wat is het Franse woord voor De tong?
La langue
- Hogere cijfers + sneller leren
- Niets twee keer studeren
- 100% zeker alles onthouden















