Samenvatting: Klinische Psychologie 3: De Klinische Praktijk
- Deze + 400k samenvattingen
- Een unieke studie- en oefentool
- Nooit meer iets twee keer studeren
- Haal de cijfers waar je op hoopt
- 100% zeker alles onthouden
Lees hier de samenvatting en de meest belangrijke oefenvragen van Klinische psychologie 3: de klinische praktijk
-
1 Thema 1: Organisatie van de zorg
-
1.1 Wat is een generalist?
Dit is een preview. Er zijn 7 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 1.1
Laat hier meer flashcards zien -
Wat is het verschil tussen in een generalist en een specialist in het optelmodel?
Het optelmodel verondersteld dat specialisten meer ervaren zijn en daardoor meer effect oogsten dan generalisten. Hier is echter geen wetenschappelijk bewijs voor. -
Welke rollen vervult een client waardoor hij regie krijgt?
Stap 1: Diagnostiek: client is de probleemeigenaar.
Stap 2: Indicatiestelling: client zal de oplossingseigenaar zijn.
Stap 3: Interventie: client zal de uitvoeringseigenaar zijn.
Stap 4: Procesbesturing/voortgangsbewaking: client zal de evaluatie- en proceseigenaar zijn. -
Wat is het verschil tussen een generalist en specialist in het complementaire model?
Het complementaire model verondersteld dat een specialist expertise heeft op het gebied van een bepaald probleem of in een bepaalde context, terwijl een generalist brede expertise heeft met oog voor de context. Op basis daarvan wordt een generalist vaak getypeerd als een breedte-expert en een specialist als een diepte-expert. -
1.2 Beroepsvorming van generalisten
Dit is een preview. Er zijn 13 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 1.2
Laat hier meer flashcards zien -
In studietaak 1.2.1.1 wordt een filmpje van Lightner Witmer vertoond, wat maakt hem zo belangrijk voor de Klinische Psychologie?'
Lightner Witmer richtte als eerste een 'psychological clinic' op. Dat gebeurde in Amerika in 1896, dat jaar wordt ook wel gezien als het geboortejaar van de klinische psychologie. -
Ben ik na mijn master Psychologie BIG-geregistreerd? Zo nee, wanneer dan wel?
Nee, om BIG-geregistreerd te zijn moet je een gz-psycholoog of een psychotherapeut zijn.
Volgens het beroepsgebouw van psychologen in de gezondheidszorg, ben je een psycholoog na afronding van uw masteropleiding Klinische psychologie. De opleiding heeft een generalistisch karakter en bereid je voor op de tweejarige gz-opleiding. Pas na de gz-opleiding of de opleiding tot psychotherapeut ben je BIG-geregistreerd. Ook kun je dan jezelf specialiseren tot klinisch psycholoog of klinisch neuropsycholoog. -
Waar staat die afkorting BIG eigenlijk voor? Sinds wanneer bestaat het en wat zijn de doelen van de BIG?'
Sinds 1993 bestaat de wet op de Beroepen in de Individuele Gezondheidszorg, oftewel de wet BIG. Deze wet dient ter bescherming van psychologen en cliënten. Sinds 1998 zijn de beroepen gz-psycholoog en psychotherapeut opgenomen als basisberoepen in de wet BIG. De wet BIG heeft twee doelen:
1. Het bevorderen van de kwaliteit van de beroepsuitoefening.
2. Het beschermen van de cliënt tegen ondeskundigheid en onzorgvuldig handelen van beroepsbeoefenaren. -
Welke twee basisberoepen en welke twee specialismen vallen onder de wet BIG? Geef ook een schatting van het aantal mensen met die beroepen in Nederland.
Basisberoepen:
gz-psycholoog, circa 15000 beroepsbeoefenaars
Psychotherapeut, circa 7000 beroepsbeoefenaars
Specialismen:
klinisch psycholoog, circa 2000 beroepsbeoefenaars
klinisch neuropsycholoog, circa 150 beroepsbeoefenaars. -
Wat is de relatie tussen de vier hoofdtaken van het FGzPt en (a) het College specialismen gezondheidszorgpsychologen en psychotherapeuten, (b) de Commissie registratie en toezicht en (c) de Opleidingsraad?
a) Het College specialismen gezondheidszorgpsychologen en psychotherapeuten houdt zich bezig met de eerste twee taken opleiding en erkenning.
b) De Commissie registratie en toezicht met de derde en vierde taak, registratie en toezicht.
c) De opleidingsraad adviseert het College specialismen gezondheidszorgpsychologen en psychotherapeuten en de Commissie registratie en toezicht. -
Wat is het NIP? Geef aan waar de afkorting voor staat en wat voor een vereniging het is. Benoem eveneens de voorganger van het NIP.
Het NIP is het Nederlands Instituut van Psychologen. Het is een algemene psychologenvereniging en een representatieve vertegenwoordiger van de beroepsgroep. Het Nederlandsch Instituut voor Praktizeerend Psychologen was de voorloper van het NIP en werd in 1938 opgericht. -
Noem vier kenmerken van een psycholoog met het dienstmerk Psycholoog NIP.
Als een psycholoog het dienstmerk Psycholoog NIP heeft, is het duidelijk dat hij/zij- lid is van de beroepsvereniging NIP
- beschikt over een universitair diploma psychologie
- minstens 1440 uur werkervaring heeft als psycholoog en
- zich aan de beroepscode houdt.
- Hogere cijfers + sneller leren
- Niets twee keer studeren
- 100% zeker alles onthouden
Onderwerpen gerelateerd aan Samenvatting: Klinische Psychologie 3: De Klinische Praktijk
-
BS : Organisatie van de zorg - Beroepsvorming van generalisten
-
BS : Organisatie van de zorg - Competenties van een generalist
-
BS : Organisatie van de zorg - Organisatie van de zorg
-
BS : Psychologisch handelen - Samenwerken tijdens psychodiagnostiek
-
BS : Psychologisch handelen - Indicatiestelling, een besluitvormingsproces
-
BS : Psychologisch handelen - Transdiagnostische factoren
-
BS : Psychologisch handelen - Behandeling van suicidaal gedrag in de praktijk van de GGZ_verkort
-
BS : Verantwoord handelen - Omgaan met verschillende perspectieven en achtergronden
-
BS : Verantwoord handelen - Het ontstaan van de regiebehandelaar
-
BS : Verantwoord handelen - Evidence-based practice
-
BS : Verantwoord handelen - Beroepsethiek















